Tagarchief: Reizen

‘Mee’ naar Papoea-Nieuw-Guinea

Vertrek vanuit Woudenberg

Vertrek vanuit Woudenberg

De auto staat klaar om te vertrekken naar Schiphol. Terwijl ik (Erna) Josia oppak om hem in de auto te zetten verrast hij me met zijn nieuwe woordje ‘mee’. Ja, natuurlijk mag je mee! We gaan terug. Ons verlof is goed geweest, maar we weten en ervaren dat onze plek nu in Papoea-Nieuw-Guinea (PNG) is. We beginnen dus aan de lange, 38 uur durende, spannende en vermoeiende reis. Op Schiphol checken we onze koffers in. Om een of andere reden duurt dat erg lang en worden er verschillende telefoontjes gepleegd. Heeft het ermee te maken dat we met elf paspoorten reizen? Zes stuks geldige nieuwe paspoorten plus 5 oude paspoorten met ons visum voor PNG. De oude paspoorten zijn ongeldig gemaakt, met uitzondering van de visumpagina. Alleen Josia heeft het visum in zijn nieuwe paspoort. De dame achter de incheckbalie vertelt tot onze vreugde dat de bagage helemaal doorgelabeld mag worden naar Port Moresby, de hoofdstad van PNG. Helaas is ze even later niet tevreden met het gewicht van sommige koffers, hoewel het totaal gewicht in orde is. Onze koffers gaan dus open en na wat schuiven mogen ze door. Helaas is de dame inmiddels afgewisseld door haar collega die niet kan doorlabelen naar PNG. Onze koffers krijgen dus een label tot aan Hong Kong, daar moeten we dan maar verder zien. We gaan afscheid nemen van familie en vrienden die helemaal naar Schiphol zijn gereisd om ons uit te zwaaien.

Wat leuk om uitgezwaaid te worden!

Wat leuk om uitgezwaaid te worden!

Een moeilijk moment, tegelijkertijd een moment waarop we beseffen hoe verbonden we zijn – en blijven. Daar gaan we dan, uitgezwaaid vanuit de verte. De eerste beproeving komt al snel. We willen nog btw terugvragen en dat blijkt alleen te kunnen voor de security checkpoints in Vertrekhal 3, terwijl wij in Vertrekhal 1 staan. Michel moet dus terug, terwijl Erna met de vier kinderen door het checkpoint gaat. Laptops, telefoons, drinken, gels, etc. moeten uit de tassen en alles wordt gescand. Josia moet uit de draagdoek en wij zelf worden ook een voor een gescand. Hannah neemt Josia gelukkig even over. Na de scan worden we ook nog allemaal gefouilleerd, inclusief Josia, tot groot vermaak van de kinderen. Ik kom erachter dat ik maar drie van de zes paspoorten heb en hoop maar dat Michel de andere drie heeft. We zoeken een paar stoelen om op papa te wachten. We komen er achter dat in deze samenstelling van moeder met vier kinderen en 5 stuks bagage toiletbezoek erg lastig is, we wachten dus tot papa weer bij ons is, met de 3 overige paspoorten trouwens.

Even poseren voordat we in het vliegtuig stappen ...

Even poseren voordat we in het vliegtuig stappen …

Even later genieten we van onze laatste portie friet met kipnuggets bij de Burger King, en niet het minst van het ballenbad naast onze tafel. De kinderen kunnen even lekker bewegen voordat we vertrekken naar de gate en ons installeren in het eerste vliegtuig naar Frankfurt. Eenmaal in het vliegtuig, duurt het erg lang voordat we vertrekken:  40 minuten vertraging, terwijl we maar 1 uur en 20 minuten overstap tijd hebben.

Doorlopen dus op Frankfurt. We komen aan in zone A en het volgende vliegtuig vertrekt van zone Z! De kinderen zijn moe, maar lopen dapper met hun kleine koffertje achter zich aan. Op tijd komen we aan bij de gate naar Hong Kong. In het vliegtuig herinneren de kinderen ons aan de beloofde cadeautjes en genieten van het uitpakken (bedankt, gevers!).

Josia mag een cadeautje uitpakken

Josia mag een cadeautje uitpakken

Verder zijn we druk met eten. Omdat Josia geen eigen stoel heeft, maar de hele reis gezellig op schoot zit, eten Michel en ik om de beurt, terwijl we de andere kinderen helpen met eten. Hannah zit aan de overkant van het gangpad en redt zich prima alleen. De vlucht verloopt goed. Hannah en Obadja slapen opgerold in hun stoel, Ruth kan de slaap niet goed pakken, Josia slaapt een aantal uur en Michel en ik dutten af en toe even in. De kinderen vermaken zich verder met videootjes op hun eigen schermpje van de vliegtuigstoel. Gek genoeg word je tijdens zo’n reis een beetje duf en ook de kinderen doen weinig meer, ook al hebben ze genoeg puzzeltjes, spelletjes en leesvoer bij zich. We ontbijten in het vliegtuig en kort daarop, na het uitstappen, is het al 3 uur ’s middags, want in Hong Kong is het 6 uur later. ‘Mam, is China een stadje in Nederland?’, ik schiet in de lach. Door al het reizen is het soms lastig om concepten stad en land goed uit elkaar te houden. Is er nou echt zoveel verschil tussen een reis per trein naar Rotterdam en een nacht in het vliegtuig? En als we met het SIL vliegtuig gaan, reizen we wel per vliegtuig, maar blijven we toch weer in hetzelfde land. En aan de taal kun je het ook al niet zeker weten, want in PNG zijn dat er 830…

In Hong Kong worden we opgewacht door met mondkapje gemaskerd luchthavenpersoneel met een apparaatje in hun hand. Michel moet z’n hoed afdoen en ongevraagd controleren ze op afstand of we koorts hebben! Je zou het er prompt van krijgen. Maar gelukkig hebben we het geen van allen! Voor ons ook opnieuw een gebedsverhoring, want met zieke kinderen reizen lijkt ons bijna onmogelijk.

We kunnen onze koffers niet afhalen, want daarvoor zouden we door de douane moeten, terwijl we geen visum hebben voor Hong Kong. De balie van Air Niugini (onze vliegmaatschappij voor de volgende vlucht) is nog niet open en het duurt een poos voordat we iemand hebben gevonden die ons kan helpen. Ja, onze zes koffers worden voor ons opgezocht en gelabeld naar Hong Kong. Wat? Zes koffers? We hadden er zeven. Verbaasd kijken we naar onze zes tickets, waar is de zevende? De dame achter de balie blijft gelukkig vriendelijk en beloofd een zoekactie.

Wachten op het vliegtuig...

Wachten op het vliegtuig…

Na een uur mogen we terugkomen. ‘We moeten bidden’, zegt Ruth. Natuurlijk!  Samen bidden we of we met zeven koffers in PNG mogen aankomen. We zoeken een rustig plekje waar de kinderen een beetje kunnen bewegen en gaan op jacht naar een paar flesjes drinken. Dat blijkt iets lastiger, omdat we geen Hong Kong-se dollars hebben en voor een beetje drinken eigenlijk geen geld willen wisselen, maar het lukt. Een uur later blijkt de zevende koffer gevonden. Bovendien is het geen probleem dat we eigenlijk iets te veel kilo’s hebben volgens de bagage regels van Air Niugini, er wordt tenminste met geen woord over gerept. Looft de Heere!

Ondertussen lezen we het nieuws dat er in Port Moresby stakingen zijn begonnen op de nationale vluchten en dat er diverse vluchten zijn geannuleerd. Oeps, zou dat overslaan naar het internationale vliegverkeer? …. Het vliegtuig vertrekt gewoon. Bij het instappen begint Obadja een enthousiast verhaal in het Nederlands tegen een stewardess, die hem vriendelijk aanhoort en doet alsof ze er iets begrijpt …  Door het tijdsverschil is nu na ons ontbijt het diner weer aan de beurt. De cadeautjes en filmpjes passeren weer, opgerolde kinderen in hun stoel… Het is nog donker als we ongeveer half vijf in de ochtend landen in Port Moresby. Zouden alle zeven koffers zijn aangekomen? Hannah installeert zich aan het begin van de rolband en na een poos wachten, komt ze er enthousiast aanhollen, de eerste koffer is op komst is en de andere zes volgen kort daarna. Voor ons een wonder dat dat zo goed is gegaan! Nu nog door de douane. Een medewerker van het vliegveld komt ons halen uit de lange, lange rij en zet ons vooraan in een andere rij. Reizen met kinderen heeft zo zijn voordelen! Even later nog een spannend moment: moeten alle koffers open? Mogen we onze kaas uit de handbagage houden? Alles gaat goed, het blijft allemaal bij een scan en even later ontmoeten we de chauffeur die ons naar een zendingsgasthuis brengt om even uit te rusten en te ontbijten.

Obadja ploft neer ... en slaapt

Obadja ploft neer … en slaapt

Obadja is te moe en valt in een onmogelijke houding op een bank in slaap. Tegen negenen komt de chauffeur ons weer halen en brengt ons naar de MAF hangar, waar het kleine acht persoonsvliegtuigje vertrekt. Alles gaat op de weegschaal, ook wijzelf: deze laatste vlucht betalen we niet per persoon, maar per kilo. Er is nog geen brandstof voor het vliegtuig, dus wachten we nog een half uur tot het tanken klaar is. De piloot bepaalt waar we zitten, want het gewicht moet evenwichtig verdeeld worden. Even later zien we vanuit de lucht bekende beelden. Bomen – overal, bergen, rivieren die ertussen door slingeren, af en toe een verzameling hutjes: Papoea-Nieuw-Guinea!

Bij het landen wacht ons een grote verrassing, verschillende Nederlandse collega’s staan ons met hun kinderen op te wachten. Dat hadden we niet verwacht, een warm welkom na zo’n vermoeiende reis. Nog een korte rit in een busje en we zijn … thuis! Thuis in een warm en zonnig Papoea-Nieuw-Guinea.

Mijn eerste reis naar de Arammba-stam

Vroeg in de morgen, om 04.30 gaat de wekker. Ik (Michel) kleed me aan, leg de laatste spullen klaar en eet met Erna een bakje zelfgemaakte yoghurt met havermout, ananas en aardbeien.
De kinderen liggen nog heerlijk te slapen, behalve Hannah die weet dat papa vroeg weg gaat. Slaperig lachend geeft ze me een knuffel en dan nemen we afscheid voor een week. Hannah belooft goed voor mama en de andere kinderen te zorgen en zegt dat ze in de tijd dat ik er niet ben, voor de tuin zal zorgen. Met een gerust hart pak ik mijn trekkersrugzak en mijn hoed en kruip ik om 05.30 in het busje dat klaar staat om mij naar het vliegveld te brengen. Een Nederlandse collega gaat mee om afscheid te nemen van zijn vertalers, wat het wachten op het vliegveld wat aangenamer maakt. Aangekomen op het vliegveld van SIL, mag ik eerst zelf op de weegschaal gaan staan en daarna mijn bagage. Een vlucht naar Arammba kost maar liefst $ 3,48 per kilo. Het kwam dus goed uit dat ik in de achterliggende weken een aantal kilo was afgevallen.
Na het wegen is het wachten. We praten wat en zien hoe onze piloot zijn vliegtuig klaarmaakt en controleert voor vertrek. De vertrektijd staat gepland op 07.00, dus we zijn ruim op tijd. Even lijkt het erop dat we nog veel langer moeten wachten, want er trekt een dikke mist over de landingsbaan. Gelukkig blijkt de zon die even later opkomt, genoeg kracht te hebben om de mistwolken te verdrijven. Een kwartiertje later dan gepland kunnen we toch nog vertrekken.

De vliegreis
Behalve de piloot en mij zijn er nog de twee Papoea-Nieuw-Guineese vertalers van mijn Nederlandse collega. Zij hebben twee weken in Ukarumpa gewerkt aan het klaarmaken van Hebreeën voor publicatie. Nu gaan ze weer terug naar hun dorp. Daarvoor brengt het vliegtuig hen eerst naar Daru, vanwaar in een dhingi (motorbootje) verder varen over zee naar hun eindbestemming. Omdat we eerst deze twee mensen gaan wegbrengen, duurt de reis voor mij maar liefst vier uur en krijg ik de gelegenheid een flink stuk meer te zien van Papoea-Nieuw-Guinea.

Rivier door het oerwoud

Rivier door het oerwoud

Het is altijd weer indrukwekkend om laag in de lucht over het land te vliegen. Eerst vliegen we over de hooglanden, met bergen tot 3000m hoog, vervolgens over de Gulf Province met haar talrijke rivieren en baaien. En tenslotte is daar Western Province, zo vlak als Nederland, maar net als alle andere plekken in Papoea-Nieuw-Guinea bedekt door een dichte jungle.

Eindroute in Western Province

Eindroute in Western Province

Daru, een eilandje vlak voor de zuidkust van Western Province, functioneert als ‘hoofdstad’ van de provincie, al is het niet heel veel meer dan een groot dorp. Van Daru vliegen we verder naar Morehead, 150km verderop, waar we een Koreaanse vertaler en een Nieuw-Zeelandse vertaalconsulent oppikken. Zij vertellen me de lugubere herkomst van de naam Morehead (meer hoofden), die stamt uit de tijd dat koppensnellers in dit dorp hun trofees verzamelden. Gelukkig vliegen we snel verder en 4 minuten later landen we 30 kilometer verder op mijn eindbestemming in Kiriwo, een van de vijf dorpen van de Arammba-stam. Het voelt als een historisch moment: eindelijk op de plaats in de jungle waar we in onze tweede termijn als gezin part-time hopen te gaan werken aan de doorstart van het Bijbelvertaalwerk in Arammba en de start van het Bijbelvertaalwerk in omringende stammen.

aankomst-1

Opgewacht door Arammba-mensen

Aankomst in Kiriwo
Bij de landingsbaan in Kiriwo (één van de vijf Arammba-dorpen) worden we opgewacht door tientallen kinderen op dè voorgrond, met hun ouders op de achtergrond. Nu begint het avontuur pas echt: wat zijn de verwachtingen van de mensen? wat moet ik wel doen en wat moet ik vooral niet doen? Zelf heb ik weinig verwachtingen. Ik zal vooral kijken, luisteren en ervaren.
aankomst-3De begroeting met Katawer en Sawiyam, de twee vertalers die ik al in Ukarumpa had ontmoet, is hartelijk. De overige mensen staan van een afstandje toe te kijken en maken vooralsnog geen aanstalten om me te begroeten. Alle aandacht gaat naar de xanda jemend (grote vogel). Niet dat ze nog nooit een vliegtuig hebben gezien, want ze hebben al een landingsbaan sinds 1985. Toch blijft het fascinerend. Nadat Katawer even met de piloot heeft gepraat, klinkt er een korte schreeuw en plotseling rennen de vrouwen alle kanten op. Even later komt elke vrouw terug met een zak vol yams. De zakken worden gewogen en betaald. Katawer legt uit dat de tieners uit het dorp die tientallen kilometers verderop op de grote school zitten, het moeilijk hebben. Vanwege de aanhoudende droogte is er weinig te eten en daarom sturen hun ouders wanneer dat mogelijk is, tassen met voedsel naar hun kinderen op school.

Daar vertrekt het lijntje met de buitenwereld.

Daar vertrekt het lijntje met de buitenwereld.

Dan vertrekt het vliegtuig en mijn band met de buitenwereld is definitief afgesneden. Ik bevind me midden in de jungle, op twee uur vliegen van Ukarumpa, op 2 uur fietsen van Morehead en op drie uur loopafstand van het dichtstbijzijnde Arammba-dorp. Als het vliegtuig is vertrokken, volg ik Katawer en zijn familie naar hun huis aan het einde van het dorp, waar ik deze week te gast zal zijn.

(Dit was het eerste deel van mijn reisverslag naar de Arammba. Eind september ben ik daar voor een week geweest om deze stam als het ware te verkennen. Binnenkort aflevering 2.)

Welkom, Josia!

Wat blijft het een wonder en een geschenk van God om een kindje uit Zijn hand te ontvangen. De 3e februari 2015 was nog maar 8 minuten oud, toen onze zoon Josia Fanuel werd geboren!

Josia

Josia

De kinderen staan om 05.30 al klaar om te vertrekken

De kinderen staan om 05.30 al klaar om te vertrekken

Afscheid van Ukarumpa

Afscheid van Ukarumpa

In Australië
Op 16 januari 2015 bracht een klein vliegtuigje van SIL ons van Ukarumpa naar Port Moresby en vandaar vlogen we het water over naar Cairns in het noorden van Australië. En toen was het wachten op de baby. Daar zit je dan, als gezin. Ver weg van familie, vrienden en collega’s. We kenden letterlijk niemand in onze omgeving. En toch …

Gastvrijheid
We hebben genoten van de gastvrijheid van de mensen die we ontmoetten. Allereerst was daar Tree Tops Lodge, het gastenverblijf voor zendelingen dat gerund wordt door Wycliffe en de MAF. Tegen een sterk gereduceerd tarief konden we daar een woning betrekken met maar liefst drie slaapkamers. We hebben hierin sterk de leiding van de Heere ervaren. Toen we dit onderkomen ruim van te voren boekten, kregen we te horen dat we vlak voor de uitgerekende datum 4 dagen elders onderdak moesten vinden i.v.m. een conferentie. Maar wat schetst onze dankbaarheid, toen we bericht kregen dat er een annulering was! Nu hebben we voor drie maanden de beschikking over dezelfde woning.
Via collega’s waren we in contact gekomen met een aantal christenen dat hier in Cairns woont. Een dag na aankomst kregen we van hen al bezoek. En wat een zegen voor de kinderen: deze vrouw bracht een grote doos met boeken en speelgoed mee voor de kinderen! Een hartelijker ontvangst hadden we ons niet kunnen indenken. Ze stelde zelfs voor een paar weken haar auto voor ons beschikbaar, zodat we die niet hoefden te huren.

Geboortekaartje Josia

Geboortekaartje Josia

De geboorte van Josia
Dinsdag 3 februari 2015 bleek de grote dag, anderhalve week eerder dan verwacht. ’s Maandagsavonds moesten we plotseling naar het ziekenhuis omdat de vliezen waren gebroken. De vrouw die ons zo hartelijk had ontvangen, was inmiddels dikke vrienden geworden met onze kinderen en zij stond binnen 10 minuten op de stoep om die nacht op de kinderen te passen. Dat was een grote zorg minder.
Acht minuten na middernacht mocht Erna een gezonde jongen tegen haar hart drukken: onze Josia. Met 2910 gram was het ons kleinste kindje.

Twee grote zussen en één grote broer
Om 7 uur ging papa snel naar huis om de kinderen het grote nieuws te vertellen en ze op te halen om naar de baby te kijken. Wat waren ze trots op hun broertje. Helaas moest de baby twee dagen met mama in het ziekenhuis blijven en konden ze de baby maar twee keer per dag zien. Op deze momenten was het dan ook extra genieten.

Papierwerk
Voor een kindje dat in het buitenland geboren wordt, moet erg veel papierwerk gebeuren. Onlangs heeft Josia al met mama een vliegreis gemaakt naar Brisbane om een paspoort aan te vragen. Het duurde even voor hij tevreden was met z’n pasfoto, maar ook die kwam er uiteindelijk.

Terug naar Papoea-Nieuw-Guinea
We hopen snel weer terug te kunnen gaan naar ons stekje in Papoea-Nieuw-Guinea, dat al echt als een ‘thuis’ voelt. Ondertussen wachten we op het paspoort en het visum van onze jongen.

Gezinsfoto bij Tree Tops in Cairns, Australië

Gezinsfoto bij Tree Tops in Cairns, Australië

Gaan we nou wel of gaan we niet?

God houdt er soms een andere planning op na dan wij mensen. Dat maakt leven met Hem soms in een bepaalde zin erg spannend. Helemaal als je nog nooit écht hebt geleerd om geen zorgen te hebben voor de dag van morgen (Matth. 6:34).

Deur voor de visa: open of dicht?
Het jaar 2013 stond vanaf 30 april in het teken van de voorbereiding op ons vertrek naar Papua Nieuw Guinea. Ruim een half jaar voor de geplande vertrekdatum zijn we begonnen met al het papierwerk voor het aanvragen van onze werkvergunning en visa. We wisten niet dat dit een les in vertrouwen op God zou zijn.
Dit vertrouwen werd namelijk danig op de proef gesteld, toen de visa er op de geplande tijd (begin december) nog niet waren. We zouden de visa moeten ophalen op de PNG ambassade in Brussel, maar voor de kerst waren ze er nog steeds niet. Bovendien sloot de ambassade voor 2 weken: deur dicht! Vanaf 6 januari hebben we bijna dagelijks contact gehad met de ambassade, maar het antwoord was telkens: ‘nee!’. Uiteindelijk, drie werkdagen voor ons vertrek, kregen we bericht: ‘De goedkeuring is binnen, maar de visa moeten nu nog gemaakt worden en dat duurt … vijf werkdagen.’ Deur dicht! Na stevig aandringen, zouden ze hun best doen om de visa op de dag van ons vertrek klaar te hebben. Een vriend uit onze gemeente ging ze ophalen, maar … alsof het nog niet spannend genoeg was … ze lieten hem op de ambassade maar liefst 1,5 uur wachten zonder opgaaf van redenen. Uiteindelijk kregen we op dinsdag 14 januari 2014, om 13.30 onze paspoorten met visa in handen. Een uur later vertrokken we met de auto naar Schiphol. De deur was uiteindelijk toch opengegaan!

Zullen we 't vliegtuig ingaan?

Zullen we ’t vliegtuig ingaan?

Lange reis
Na het afscheid van onze familie en enkele vrienden op Schiphol is de reis dan toch echt begonnen. Het besef dringt langzaam door. Daar sta je dan: vader en moeder, drie kleine kinderen, 10 grote koffers, 5 stuks handbagage, een buggy en een autostoel, 2 poppen voor de meisjes en een tijger voor Obadja. Het is een feestje voor de kinderen, want vóór we het vliegtuig ingaan, eten we nog één keertje bij de McDonalds. Bij de douane kijkt Hannah haar ogen uit als papa gefouilleerd wordt: ‘Waarom zitten ze aan u, papa?’. Papa legt uit: ‘Ik had nog een pen verstopt in m’n borstzakje en daarom ging het alarm af!’.
De reis is een hele belevenis. In het begin vinden de kinderen het erg leuk en spannend, want alles is natuurlijk nieuw. En bovendien: ze hebben cadeautjes gekregen (bedankt!), die ze op strategische momenten mogen uitpakken:  opnieuw een feestje! Maar de reis duurt wel erg, erg lang. We vliegen midden in de nacht, maar slapen in een vliegtuig is best lastig. Op de eerste vlucht van Amsterdam naar Londen doen ze bij de gate moeilijk over de autostoel voor Obadja. Die mag niet mee in het vliegtuig, maar moet met de koffers ingecheckt worden in de laadruimte. Gelukkig zijn ze in Londen en in Hongkong wat vriendelijker. Uitgerekend op de lange vluchten (11 + 7 uur) mocht Obadja in het autostoeltje zitten én slapen. Wat een verademing: opnieuw een zegen van boven!

Obadja maakt vrienden in Hongkong.

Obadja maakt vrienden in Hongkong.

In Hongkong hebben we een tussenstop van 6 uur: ook een hele belevenis. Zijn het de blonde kopjes van onze kinderen die de aandacht van al die Chinezen trekken, het feit dat ze met dezelfde kleren net een tweeling zijn, of is het het Chinese één-kind-beleid waardoor we als ‘groot’ gezin de aandacht trekken? In elk geval trekken de kinderen erg veel bekijks en maakt Obadja al snel dikke vrienden met 5 Chinese mannen die tegenover ons zitten te wachten.
Onze derde vlucht over zee, jungle, bergen, brengt ons in Port Moresby, de hoofdstad van PNG. Met onze winterkleren nog half aan, sjokken we met al onze bagage door de tropische warmte naar de douane, waar het er even op lijkt dat we alle koffers moeten open maken voor controle! Gelukkig hebben we zojuist bij het ophalen van de koffers, vrienden gemaakt met grondpersoneel dat ons vriendelijk verder helpt met de drie karren vol koffers. Zij doen nu bij de douane een goed woordje voor ons, met als gevolg dat we slechts één koffer hoeven open te maken! Op naar het laatste vliegtuig, dat ons in Madang zal brengen. Respect voor Hannah, Ruth en Obadja die zich kranig hebben geweerd!

Onze voortuin

Onze voortuin

Daar zijn we dan … en nu?
Na een kort verblijf van enkele dagen in Madang zijn we begin deze week aangekomen op het centrum van de Pacific Orientation Course (POC) in Nobnob. Dit dorpje ligt midden in de jungle op een bergrug met een prachtig uitzicht op de Stille Oceaan, een half uur rijden van Madang.

Onze achtertuin

Onze achtertuin

De weg waarop we reden, voldeed aan alle beschrijvingen uit reisverhalen van zendelingen: gaten, hobbels, smal, kronkelend, steile hellingen, diepe afgronden opzij.
En daar mochten we van genieten in de laadbak van een enorm lawaaierige vier wiel aangedreven open truck. Vol verbazing zag Ruth dat bananen hier niet in de winkel liggen, maar gewoon aan de bomen hangen. Prachtige vlinders met een spanwijdte van ruim 10cm, kleurrijke bloemen in bomen en struiken langs de weg en honderden tinten groen van de bloeiende jungle.
En nu moet ik stoppen. Waarom? Omdat het eenvoudig te veel is om te bevatten, om op een rijtje te krijgen, om te verwerken. Omdat we tijd nodig hebben om alles op ons in te laten werken. En om bij te komen van een enorme jetlag, waardoor de kinderen ‘s nachts uren wakker zijn en niet in slaap te krijgen.

Tot slot
In de tropen is alles onvoorspelbaar. Dat hebben we in een kleine week al op verschillende manieren gemerkt. Het kan soms lang duren voordat we weer van ons laten horen, met name in de komende drie maanden. Dit is vooral omdat we in de oriëntatie cursus erg weinig vrije tijd hebben, maar ook omdat we beperkt en soms zelfs enkele weken geen internet hebben, omdat internet lokaal erg duur is, omdat we geen stroom hebben om onze computers op te laden, of eenvoudig omdat we te moe zijn. Want één ding is inmiddels zeker: je draai vinden in de tropen met drie kleine kinderen is hard, hard werken.
U kunt ons ook vinden op Facebook, waar we wat gemakkelijker en vaker korte berichtjes kunnen plaatsen.